Geef hier een voorstelling van uw organisatie, en meer bepaald van haar Good Food-benadering.

Lokale Economieloket voor Stadslandbouw

De Lokale Economieloketten (LEL) zijn een regionaal instrument voor de ondersteuning van de oprichting en ontwikkeling van ondernemingen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Omdat de Brusselse Regering de economische sector van de stadslandbouw, die talrijke positieve effecten genereert, wil ondersteunen, heeft zij recent de Loketten voor Lokale Economie de opdracht gegeven om de reeds beschikbare begeleidingsdiensten op ondernemingsvlak te versterken, namelijk de Brusselse Facilitator Stadslandbouw en de landbouwproeftuin Graines de Paysans.

De begeleiders van de LEL's kunnen professionele producenten ondersteunen tijdens alle fasen van hun project of onderneming: hun idee toetsen, het businessmodel uitdagen, het project structureren, een marktonderzoek uitvoeren, helpen bij het opstellen van een financieel plan of budget, de rendabiliteit analyseren en hen uitrusten met de nodige tools voor het beheer van hun activiteit. 

Village Partenaire verzekert en coördineert deze opdracht op gewestelijk niveau. Gevestigd in Sint-Gillis helpt Village Partenaire ondernemers bij de opstart of ontwikkeling van hun activiteit via het LEL en zijn begeleiders, maar ook via het Ondernemingscentrum en door het ter beschikking stellen van kantoren en verwerkingsateliers. Al meer dan 10 jaar stimuleren zij duurzaam ondernemerschap, en vanuit die visie bieden zij voortaan ook een specifieke begeleiding aan voor projecten in de stadslandbouw.

 

Hebt u een project of een onderneming in de sector van de stadslandbouw in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest? 

Tal van innovatieve projecten die inzetten op een nieuw productiemodel, met ecologische productiewijzen en gericht op lokale korte ketens, ontwikkelen zich binnen de sector van de stadslandbouw in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Gezien de vele positieve effecten die deze sector kan genereren (werkgelegenheid, vermindering van de koolstofvoetafdruk, duurzame voeding, enz.), bieden de coaches van Village Partenaire iedere actieve persoon in deze sector een gepersonaliseerde begeleiding aan, zodat die beter uitgerust is om zijn of haar activiteit verder te ontwikkelen. 

Voor deze opdracht werkt Village Partenaire samen met BoerenBruxselPaysans, de landbouwproeftuin Graines de Paysans, de FedeAU, en de andere LEL's.

 

Contact

Opleidingen / Begeleiding

Etude de flux de produits locaux et bio ou équivalent en Région de Bruxelles-Capitale

Ter info: Deze studie bestaat enkel in het Frans.

Contexte

Les stratégies Good Food 2 (SGF2) et Shifting Economy ont pour ambition de développer l’approvisionnement de Bruxelles en produits Good Food, et ce en stimulant et en structurant l’offre (belge) et la demande (bruxelloise) pour ces produits.

Dans ce cadre, une étude a été réalisée par Groupe One afin de quantifier l’approvisionnement en produits bio et locaux belges pour 4 filières prioritaires (fruits, légumes, céréales et légumineuses) auprès des acteurs bruxellois des secteurs ReCa (restaurants et cafés), restauration collective (cantine), transformation et distribution (commerces hors supermarchés).

 

Méthodologie

Plusieurs défis ont été identifiés : 

  • Peu d’informations sectorielles disponibles concernant l’approvisionnement bio et local
  • Difficulté de mobilisation des acteurs pour collecter des données de terrain 
  • Diversité des entreprises, rendant difficile l'extrapolation statistique, surtout dans un contexte de réponses limitées 
  • Informations sur l'approvisionnement parfois peu disponibles 
  • La méconnaissance de la provenance des produits 

     

Pour surmonter ces obstacles, l'approche adoptée s’est principalement concentrée sur l'analyse des acteurs Good Food (GF) existants, et combine différentes méthodes d'évaluation. Les données collectées auprès des acteurs ont été extrapolées lorsque c’était pertinent et possible. L’extrapolation a concerné uniquement les acteurs du bottin Good Food dont la marge brute était accessible en libre accès via la Banque Nationale Belge. Cette contrainte de disponibilité des données a restreint le nombre d’acteurs pouvant faire l’objet d’une extrapolation au sein des différents secteurs de l’étude. L’étude inclut l'analyse de l'offre en produits des grossistes pour compléter les informations obtenues auprès des acteurs bruxellois de la demande. 

Toutes les données collectées se réfèrent à l’année 2024. 

Les résultats de cette étude doivent donc être interprétés comme des ordres de grandeur, utiles pour identifier le poids relatif des différentes filières vis-à-vis d’un échantillon donné, et orienter les analyses stratégiques, mais non comme des mesures précises des volumes réels.

Les différentes étapes de collecte, de traitement et l’approche d’extrapolation

 

Conclusions de l’étude

Cette étude a permis d'apporter une première quantification des flux d'approvisionnement bio et/ou locaux des acteurs Good Food bruxellois dans quatre filières prioritaires : fruits, légumes, céréales et légumineuses. Elle confirme que les fruits et légumes représentent de loin les volumes les plus importants, tant dans les consommations régionales que dans les flux observés auprès des acteurs Good Food, avec environ 65.523,27 tonnes de légumes bio pour l’ensemble de l’échantillon (118 acteurs). Les céréales (4.121 t) et les légumineuses (1.858 t) occupent des volumes plus modestes mais apparaissent comme des filières stratégiques, en raison notamment de leur rôle dans les chaînes de transformation. 

Les données collectées auprès des répondants montrent des niveaux d'approvisionnement bio globalement élevés (50 à 75%). Cette tendance est cohérente avec le profil des acteurs Good Food, dont les pratiques sont déjà fortement orientées vers une alimentation durable.

Sur base des résultats d’extrapolation, l'analyse met en évidence plusieurs constats majeurs :

  • Les fruits et légumes représentent l’essentiel des flux, tant en valeur qu’en volume.
  • Le rôle des cantines, et plus particulièrement des cuisines centrales cuisines centrales, dans la demande en légumes bio, ainsi qu’en fruits bio qui démontre le rôle structurant de la restauration collective dans les flux d’approvisionnements alimentaires en raison des volumes très importants qu'elles mobilisent.
  • Les céréales et surtout les légumineuses apparaissent comme les filières où le besoin de développement du local reste le plus important, avec une part de local du volume déclaré par les répondants estimés à 20-25% pour l’aval (commerces, ReCa, transformateurs, cantines), et environ 40% pour l’amont (grossistes).
  • Les légumes présentent déjà les niveaux les plus élevés d'approvisionnement bio/local ainsi que les meilleures perspectives d'approvisionnement belge. 

Afin d’illustrer ces propos, le diagramme suivant reprend les volumes bio/locaux totaux extrapolés par filière et leur poids dans chaque secteur étudié, avec, à gauche, le volume d’approvisionnement par filières, et à droite, le volume d’approvisionnement de la filière pour le secteur en question.

Diagramme des flux des données d’approvisionnements extrapolées

L'étude a également permis de développer une méthodologie d'estimation basée sur les données économiques des acteurs. Celle-ci fournit des ordres de grandeur utiles pour orienter les politiques publiques et les actions sectorielles. Toutefois, les résultats doivent être interprétés avec prudence en raison du faible nombre de répondants, de la difficulté d'obtenir des données précises sur l'origine des produits, et de l'hétérogénéité de certains secteurs. Les extrapolations sont donc à considérer avant tout comme des estimations indicatives et non comme des mesures exactes des flux réels. 

En conclusion, l'étude confirme l'intérêt stratégique des filières fruits et légumes dans la transition alimentaire bruxelloise, met en évidence le rôle structurant des cuisines centrales comme levier de transformation du marché, et souligne la nécessité de renforcer les filières locales de céréales et de légumineuses. Elle fournit enfin une base méthodologique qui pourra être consolidée à l'avenir grâce à une collecte de données plus systématique et à un échantillon d'acteurs plus large.

Studies

De professionele stadslandbouw in Brussel en de Good Food 2.0-strategie Evolutie van de landbouwsector tussen 2015 en 2025, stand van zaken van de multifunctionaliteit van agro-ecologische projecten en impact van de Good Food-strategie op de sector

Deze studie geeft een stand van zaken van de professionele stadslandbouw in Brussel in 2025 en evalueert de impact van de Good Food-strategie, tien jaar na de lancering ervan en halverwege Good Food 2.0 (2022-2030). Ze analyseert de evolutie van de sector sinds 2015, de duurzaamheid van agro-ecologische projecten en de bijdrage van de gewestelijke ondersteuningsinstrumenten (toegang tot grond, begeleiding en financiering).

Belangrijkste vaststellingen

  • Een sterk groeiende sector: het aantal opkomende landbouwprojecten is gestegen van 20 projecten in 2015 naar 56 projecten in 2025 op het Brusselse grondgebied, terwijl de door deze projecten bewerkte oppervlakte toenam van 22,5 ha tot 59,8 ha.
  • Een steeds agro-ecologischere landbouw: 86% van de opkomende projecten past agro-ecologische praktijken toe en 23 projecten beschikken over een biologische certificering, goed voor meer dan 38 ha teeltoppervlakte.
  • Een werkgelegenheidsscheppende sector: de opkomende projecten vertegenwoordigen ongeveer 112 VTE’s in het Brussels Gewest, voornamelijk in de groenteteelt, educatieve boerderijen en kwekerijen.
  • Een multifunctionele landbouw: naast voedselproductie genereren de projecten belangrijke milieu-, sociale, educatieve en territoriale voordelen, met een sterke betrokkenheid bij korte ketens, sensibilisering en socioprofessionele inschakeling.
  • Blijvende kwetsbaarheden: ondanks een goede milieuprestatie blijven de projecten geconfronteerd met rendabiliteitsproblemen, een hoge werkdruk en terugkerende onzekerheid inzake toegang tot grond.

De studie benadrukt de structurerende rol van de Good Food-strategie in de ontwikkeling van de sector. De gewestelijke instrumenten hebben bijgedragen tot:

  • het vergemakkelijken van de toegang tot grond;
  • het begeleiden van projectdragers;
  • het financieren van investeringen via projectoproepen;
  • het versterken van de professionalisering van de sector.

De studie toont aan dat de professionele stadslandbouw zich in tien jaar tijd heeft ontwikkeld tot een betekenisvolle component van het Brusselse voedselsysteem. De dynamiek van nieuwe projecten, de toename van de bebouwde oppervlakte en de ontwikkeling van agro-ecologische praktijken getuigen van een positieve impact van de Good Food-strategie. De prioritaire uitdagingen voor de komende jaren hebben betrekking op de economische bestendiging van de projecten, de zekerheid van toegang tot grond en de begeleiding van de agro-ecologische transitie van de volledige Brusselse landbouwsector.

Studies

Analyse van het publieke grondbezit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest: spreiding, evolutie en potentieel voor landbouw-, voedsel- en milieubeleid

Deze studie van ILVO (2024) brengt voor het eerst het volledige publieke grondbezit in Vlaanderen en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest in kaart. Ze analyseert de omvang, de geografische spreiding, de evolutie sinds 2005 en het potentieel ervan voor de landbouw. Op basis van kadastrale gegevens identificeert de studie de verschillende publieke eigenaars (federale overheid, gewesten, gemeenten, OCMW’s, intercommunales, kerkfabrieken enz.) en koppelt zij deze informatie aan de bestemmingen van de gronden en het feitelijke landbouwgebruik.

Belangrijkste resultaten voor Brussel

De studie toont aan dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zich onderscheidt door een bijzonder hoog aandeel publiek grondbezit: bijna 47,4% van de gewestelijke kadastrale oppervlakte, of ongeveer 6.100 hectare, is in handen van publieke actoren. Dit is veruit het hoogste aandeel van alle onderzochte gebieden. 

Het Brusselse publieke grondbezit bestaat echter hoofdzakelijk uit groene ruimten, die bijna 2.940 hectare vertegenwoordigen, of 48% van het publieke grondbezit in het Gewest. De gewestelijke overheden zijn hiervan de belangrijkste eigenaars, met meer dan 2.700 hectare, waarvan meer dan 70% uit groene bestemmingen bestaat. Deze situatie weerspiegelt onder meer het belang van het gewestelijk natuurlijk erfgoed, in het bijzonder het Zoniënwoud en de grote groene ruimten in het zuidoosten van Brussel. 

Daartegenover staat dat het aandeel publieke landbouwgrond zeer beperkt is, met slechts 93 hectare op het grondgebied van het Gewest. Deze publieke landbouwgronden zijn sterk geconcentreerd in Anderlecht, dat alleen al ongeveer 80 hectare vertegenwoordigt, terwijl de andere gemeenten slechts over beperkte oppervlakten beschikken. 

De studie benadrukt eveneens het belang van het grondpatrimonium van de Brusselse OCMW’s buiten het Gewest. Het OCMW van de Stad Brussel bezit alleen al 1.586 hectare, waarvan 97% buiten het eigen gemeentelijke grondgebied ligt en bijna 88% een landbouwbestemming heeft. Dit toont aan dat de publieke grondhefbomen voor landbouw veel verder reiken dan de gronden die zich binnen het Brussels Gewest bevinden. 

Tot slot blijkt dat, in tegenstelling tot de trend in verschillende Vlaamse provincies, de totale oppervlakte publiek grondbezit in Brussel tussen 2005 en 2024 relatief stabiel is gebleven (+0,6%, of +34 hectare). Deze stabiliteit kan onder meer worden verklaard door het reeds zeer hoge aandeel publieke eigendom in een sterk verstedelijkte regio.

Belangrijkste conclusie voor Brussel

De studie toont aan dat Brussel beschikt over een aanzienlijk publiek grondpatrimonium, dat voornamelijk gericht is op milieu- en groenfuncties. Hoewel de publieke landbouwoppervlakte binnen het Gewest beperkt is, blijven de Brusselse OCMW’s belangrijke grondeigenaars dankzij hun omvangrijke landbouwbezittingen buiten het Gewest. Deze resultaten onderstrepen het strategische belang van een reflectie over de inzet van publiek grondbezit als hefboom voor het voedsel-, landbouw-, milieu- en grondtoegangsbeleid

Studies

BonAppify

BonAppify™ helpt commerciële keukens (hotels, restaurants, kantines) om minder te verspillen en meer te verdienen.

Het is een platform en mobiele applicatie die voedselaudits automatiseert. Zodra de audit is voltooid, kunnen instellingen worden opgenomen in een lijst van milieuvriendelijke restaurants, waardoor hun betrokkenheid zichtbaar wordt: https://bonappify.com/ opent een nieuw venster

BonAppify™ is opgericht door Meilleure Table, een bedrijf waarvan de oprichter zijn carrière begon in Brussel bij RDC environnement op het gebied van ecodesign, CO2-footprints en afvalpreventie. Daarna werkte hij bij Delhaize op de afdeling duurzame ontwikkeling. Deze internationale expertise op het gebied van voedselverspilling verminderen heeft geleid tot het produceren van de eerste documentaire over anti-verspillingsoplossingen, van boer tot bord.

Opleidingen / Begeleiding

Quels leviers à disposition de Bruxelles Environnement pour développer une filière céréales-pains de proximité et bio ou à faible impact environnemental?

Ter info: Deze studie bestaat enkel in het Frans.

Ce mémoire analyse les leviers dont dispose Bruxelles Environnement pour développer une filière céréales–farine–pain locale, biologique ou à faible impact environnemental. Le diagnostic montre un important déséquilibre : la Belgique produit peu de céréales panifiables, notamment en bio, alors que la demande bruxelloise augmente pour des pains de meilleure qualité. 

La filière souffre d’une forte concentration : trois « géants » de la meunerie fournissent plus de 75 % des farines, surtout issues de grains importés. La boulangerie artisanale décline alors que les commerces « généralistes » telle que la grande distribution ont vu leur nombre croitre. Néanmoins, un nouveau segment de micro‑boulangeries durables se développe. Ces acteurs utilisent davantage de farines belges ou issues de moulins artisanaux, tandis que la majorité des pains consommés en RBC provient de boulangeries industrielles dépendantes de farines étrangères. 

Les freins identifiés sont : 

  • la qualité perçue des farines belges (protéines, stabilité) ; 
  • le prix, bien que les farines belges ne soient pas moins compétitives que les farines françaises ou allemandes; 
  • la fidélité des boulangeries à leurs fournisseurs français, qui offrent formations et services inexistants en Belgique. 

Du côté agricole, les céréales panifiables jouent surtout un rôle agronomique et sont peu rentables. L’absence d’une cotation, nécessaire pour les négociations sur le prix de vente, ou de sur-primes pour les variétés panifiables incite les producteurs à semer des variétés non adaptées à la meunerie. Pourtant, le potentiel agroclimatique belge est suffisant pour produire des céréales de qualité panifiable. 

L’étude propose 11 mesures pour reterritorialiser la filière, parmi lesquelles : réformer la formation en boulangerie, soutenir la création de mouIins industrieIs mutuaIisés entre pIusieurs expIoitations agricoIes bio, mieux réguler le foncier agricole et défendre une révision de la PAC pour encourager la production alimentaire plutôt que non alimentaire. 

En conclusion, une filière Good Food est possible. Une conversion limitée (1 ou 2 moulins industriels) suffirait à couvrir les besoins bruxellois. Un groupe croissant de paysans‑meuniers et de boulangeries artisanales engagées montre déjà la voie vers une filière plus locale, durable et résiliente. 

 

 

Studies

Schijf van vijf kwartet

Kenmerken:
Doel: Stimuleert taalontwikkeling door slimme vragen te stellen en goed op te letten. 
Kwartet: Vind vier dezelfde kaarten van het betreffende onderwerp.
Oefenvorm: Ontdekken van de verschillende voedingsgroepen. 
Leeftijd: Geschikt voor alle leeftijd.
Aantal spelers: 2 tot 4 spelers.
Speelduur: Ongeveer 15-20 minuten per spel.

Speluitleg:
Het spel werkt volgens het bekende kwartetprincipe, waarbij spelers setjes van vier bij elkaar horende kaarten proberen te verzamelen.
In het geval van de schijf van vijf zijn deze sets gebaseerd op verschillende voedingsgroepen. 
 

Inhoud van het spel:
40 kaarten met 8 sets.

Materialen

ChefSES – Platform voor beheer en duurzame inkoop voor grootkeukens

ChefSES is een app voor grootkeukens (scholen, kinderdagverblijven, verzorgingstehuizen, enz.) die het plannen van menu’s, het voorraadbeheer en de inkoop van lokale, biologische en duurzame producten vergemakkelijkt.

Met deze tool kunnen keukenteams dagelijks tijd besparen, hun inkoop optimaliseren en zich beter organiseren, zodat ze zich kunnen concentreren op de kwaliteit van de maaltijden.

ChefSES draagt bij aan de overgang naar duurzamere voedselsystemen door de toegang tot korte ketens te vergemakkelijken en lokale producenten te ondersteunen.

De app bevat ook functies waarmee het mogelijk is om:

  • de porties aanpassen aan de leeftijd van de gasten,
  • rekening houden met allergieën en dieetwensen,
  • voedselverspilling tegengaan door een optimale planning.

ChefSES sluit volledig aan bij de doelstellingen van de Good Food-strategie en ondersteunt grootkeukens concreet bij de overstap naar gezondere, lokale en duurzame voeding.

Het project bevindt zich momenteel in de ontwikkelingsfase en heeft als doel proefprojecten op te zetten met scholen en instellingen in Brussel.

Illustratie
Categorie
Talen
Frans
Dutch
Adresse

Rue D’ardevoor, 78
1357 Hélécine
België

Telefoon
0486248746
E-mail
info.chefses@gmail.com
Autre catégorie
Digitale oplossing (SaaS) voor grootkeukens

Biowallonie Asbl

Biowallonie is de overkoepelende organisatie voor de Waalse biologiesector en een vzw die zich actief inzet voor duurzame voeding.

Doelstellingen

Biowallonie, opgericht eind 2013 en belast met de opvolging van de acties uit het Strategisch Bioplan, vervult met haar activiteiten drie belangrijke taken:

  • Begeleiding van producenten in de biologische landbouw
  • Het opzetten van nieuwe toeleveringsketens op het niveau van producenten, verwerkers, distributeurs, winkels en de collectieve catering en horeca.

Inzet voor de introductie en het gebruik van biologische producten in de voedingssector in het algemeen, door de verschillende actoren met elkaar te verbinden. In dit kader stimuleert en begeleidt Biowallonie de introductie van biologische producten en duurzame voeding in de horeca in het Waalse Gewest en in Brussel.

  • Bevordering van de biologische landbouw gericht op conventionele professionals:

Het opzetten van opleidingen en omscholingssessies voor professionals in de conventionele sector (producenten, verwerkers, distributeurs, winkels en restaurants).


In Brussel

Biowallonie draagt actief bij aan de invoering van duurzame voeding in Brussel door de horecasector te ondersteunen en evenementen en ontmoetingen tussen restaurants en duurzame leveranciers te organiseren.

Illustratie
Talen
Frans
Adresse

Rue du Séminaire, 22 - boite 1
5000 Namur
België

Telefoon
0474381124
E-mail
restauration@biowallonie.be

Producent van duurzame bloemen

Bluëtte Farming maakt deel uit van de slowflowers-beweging. In het hart van Anderlecht, tussen het Vlaamse platteland en IKEA, produceer ik duurzame en seizoensgebonden bloemen. Ik bied mijn bloemen aan particulieren en professionals aan. Er zijn regelmatig workshops en andere evenementen op het veld die ik deel met andere spelers in de stedelijke landbouw in Brussel.

Illustratie
Categorie
Talen
Frans
Dutch
Adresse

Vogelenzang 171
1070 Anderlecht
België

E-mail
Bluette@posteo.be
Autre catégorie
Inspirerende projecten